Discussies Argumenten tegen CETA en TTIP op basis van de hartenwensen

Begonnen door Veerle D, in .TTIP bij Hart boven Hard. 1 jaar geleden

TTIP en de hartenwensen van Hart boven Hard

Op 7 juli hadden we een eerste workshop 'Argumenteren over TTIP' in Antwerpen (met Mia Roxy van Climaxi en Lut Vansant van LBC), een gezamenlijk initiatief van de lokale HbH-groep Antwerpen en Team Kennis Delen.

Een van de opdrachten tijdens de workshop was het koppelen van de hartenwensen aan het TTIP-dossier. Voor HbH-sympathisanten zijn de hartenwensen een goed kader om TTIP te toetsen, aangezien dat de gemeenschappelijke principes zijn die het uitgangspunt vormen voor engagement in de beweging. Voor sommige hartenwensen (‘eco-logisch’ of ‘doe de democratie’) ligt het meer voor de hand dan voor andere (‘wees wereldwijs’, ‘samen rijk’) om aan te tonen hoe TTIP helemaal tegen de ideeën van HbH ingaat.

Hieronder vinden jullie een eerste aanzet voor een lijstje met argumenten tegen CETA en TTIP ingedeeld volgens de hartenwensen. Als je goede voorbeelden kent, lever dan een bijdrage aan de discussie, zodat we het document kunnen aanvullen met goede redenen om als HbH-sympathisant actie te voeren tegen TTIP. Ook herschrijvingen of uitwerkingen van de argumenten die voorlopig maar heel summier zijn opgenomen zijn welkom.

1. Samen rijk

Onze rijkdom zit niet alleen in onze portemonnee. Rijk is een samenleving door degelijk onderwijs, goede zorg, weten­schappelijk onderzoek, sociale zekerheid, bloeiende cultuur en natuur, vlotte toegang tot sport en mobiliteit, ... Die rijkdom is van iedereen. Zijn pasmunt heet solidariteit. Wie deze rijkdom uitverkoopt en privatiseert, verarmt de samenleving. Dan wordt de zorg herleid tot een net van grote, dure zorgbedrijven, mét winstoogmerk. Dan worden cultuurhuizen, jeugdwer­kingen en bibliotheken overgelaten aan commercie en dorpspolitiek. Dan verdwijnen de diensten en worden uiteindelijk zelfs water en lucht koopwaar. Voor ons is alleen gedeelde weelde echte weelde. Levenskwaliteit past nu eenmaal niet in een spaarvarken. In een kennismaatschappij moeten kennis en cultuur zo toegankelijk mogelijk zijn. Daarom willen we extra investeringen in elk sterk aanbod dat mensen rijker maakt aan inzicht, verbeelding en artistieke gevoeligheid. Zonder zorg, gezondheid en gemeenschapsvorming zijn we niets. Dáár begint ons ware vermogen als maatschappij. Er is wel een alternatief!

 

uit https://www.acv-online.be/acv-online/Themas/TTIP/ttip.html:

TTIP zal niet voor meer banen in Europa zorgen, zie het voorbeeld van de autoindustrie in Duitsland:

Een onderzoek van de Deutsche Bank in samenwerking met het Verbond van de Duitse Automobielindustrie over de toekomst van Duitsland als vestigingslocatie voor de automobielnijverheid toont aan dat de Duitse autoconstructeurs zich ook in de toe­komst vooral in het buitenland zullen vestigen en uitbreiden, niet in Duitsland zelf. De miljarden die Duitse autofabrikanten in Mexi­co en Noord-Amerika investeren, bevestigen deze trend. De be­weegredenen voor die beslissingen zijn naast de nabijheid van de plaatselijke markten de veel lagere loonkosten in vergelijking met Duitsland (in 2013 slechts zowat 53 procent van de Duitse lonen) en de lage energiekosten. Minder relevant zijn de invoerrechten van de VS, die toch al een laag niveau bereikt hebben (2,5 procent). De verschillen inzake technische normen vormen volgens de studie slechts een minder belangrijk probleem.

Conclusie : TTIP verandert iets aan de minder belangrijke handels­barrières, maar laat de belangrijkste hinderpaal voor een gelijk speelveld – de effectieve realisatie van het recht op vakbondsvrij­heid in de VS die tot betere lonen leidt – ongemoeid !

TTIP benadeelt KMO’s (die voor de meeste werkgelegenheid zorgen in de EU)

http://participer.stop-ttip.be/groups/1/discussions/26

Le TTIP favorisera les firmes transnationales au détriment des PME, qui ont pourtant créé 85% des nouveaux emplois européens au cours de la dernière décennie. C’est pourquoi, partout en Europe et en Belgique, un nombre croissant de PME s’opposent à ce traité.

Il est possible que certaines PME tournées vers l’exportation puissent effectivement voir leur activité facilitée par la baisse de certains droits de douane et l’harmonisation des procédures de mise sur le marché de certains produits, dont la Commission européenne cite régulièrement quelques exemples bien choisis. Il n’en reste pas moins que seules 25% des plus de vingt millions de PME européenne exportent en dehors de leurs frontières nationales et seulement 13% exportent à l’extérieur de l’Europe. On peut en conclure que la part de PME concernées par les éventuels gains du TTIP est faible, tandis que toutes les PME pourraient être touchées par la concurrence accrue de produits importés basés sur des normes plus faibles.

En Belgique, l’Union des classes moyennes a pris position contre le TTIP. En France, 94% des PME interrogées pensent que les gains éventuels du TTIP iront exclusivement aux grandes entreprises. En Allemagne, des entrepreneurs ont lancé une alliance de « PME contre le TTIP » où des milliers de PME ont déjà écrit leurs raisons de s’opposer au TTIP (www.kmu-gegen- ttip.de). Elles y affirment être favorables à un libre-échange équitable et fondé sur des normes sociales et environnementales élevées, ce qui est contraire aux objectifs visés aujourd’hui par le TTIP.

Hoe ondernemingen arbitragepanels gebruiken:

- tegen arbeidsconflicten

Noble Ventures investeerde in een staalfabriek in Roemenië. Bij een sta­king kwam het tot bedrijfsbezettingen. Noble Ventures diende klacht in tegen de regering, omdat deze de onderneming niet «passend» tegen deze stakingsacties beschermde.

- tegen minimumloon

Het Franse concern Veolia diende klacht in tegen Egypte wegens een vermeende schending van een contract over afvalverwijdering in de stad Alexandrië. De stad had wijzigingen aan het contract afgewezen waarmee Veolia de hogere kosten - onder andere door de invoering van een mini­mumloon - wilde compenseren. Ook verhinderde de lokale politie volgens Veolia niet de massale diefstal van vuilnisbakken. Veolia eiste een schade­vergoeding van 82 miljoen euro.

Liberalisering openbare diensten wordt onomkeerbaar

Publieke diensten worden blijvend vastgelegd “op het hoogste niveau van privatisering”. Dit betekent dat als een publieke dienst is geprivatiseerd, het ontzettend moeilijk wordt om dit om te keren. Zelfs wanneer de meerderheid van de bevolking dit zou willen.

 

uit: http://www.iatp.org/documents/five-key-takeaways-from-the-ttip-leak-for-food-and-farming-systems

Tariffs on several key agricultural products would be eliminated, potentially disrupting local farming systems on both sides of the Atlantic.

While average tariffs on goods traded between the U.S. and EU are quite low, those figures obscure substantial differences on key products, some of which currently protect vulnerable farming sectors that are already suffering from low prices and unstable markets. In a memo describing tariff reduction offers dated November 20, 2015, the EU notes the intention under TTIP to eliminate tariffs on 97 percent of goods. While exactly how this will play out will only become clear during the final “endgame” of the negotiations, the memo describes substantial, and in many cases, abrupt changes in tariffs on farm goods. As of November, the EU was offering to lower more tariffs than the U.S., but in the latest round of negotiations in April, the U.S. reaffirmed its goal for total tariff elimination. The EU still opposes this position in the interest of its most sensitive agriculture products.

Contrary to what EU negotiators have been saying about such protection, however, the leaks demonstrate that the EU is already willing to reduce—and over three to seven years eliminate—duties on 175 agricultural tariff lines (categories of agriculture products) that include live cattle, goat meat, milk and cream, nuts, fruit jam and fruit juice, animal feeding and glues (although many of the products the U.S. has placed on the seven-year elimination also face non-tariff barriers in the EU). In addition, the EU and U.S. have designated two percent of all their tariff lines in a special “T” category. These tariffs will be eliminated, but over an as-yet undetermined phase out period that could extend beyond seven years. These products for the EU include poultry, ham and swine preparations, barley/maize, wheat and wheat flour, and fertilized eggs (other than chicken eggs). The U.S. has similarly placed certain swine and lamb products, 17 kinds of dairy and cheeses, chocolate and olives in the “T” category.

In a “game of chicken,” the U.S. continues to reserve some tariffs on bovine meat products and 144 kinds of dairy and cheese products (as well as several industrial products such as cars) for less than full tariff elimination in order to push the EU to liberalize more agricultural goods. The EU is protecting 281 agriculture tariff lines that include products made from bovine, swine, poultry, dairy, fertilized chicken eggs, vegetables and fruit, rice, maize flour, starch and sugar). The EU has also indicated that although some tariffs will not be eliminated, tariff rate quotas (set quantities allowed in at reduced tariff rates) for beef raised without the hormones that are banned in the EU are likely to be set.8 This will mean much more pressure on the EU’s beef sector.

In many of these cases, the real issue is not just the tariffs. For instance, the EU was expecting the U.S. to abide by certain animal welfare provisions for egg-laying hens on a few tariff lines (for birds other than chicken) and also expecting an “economically meaningful” procurement offer by the February 2016 round before it makes further offers, according to the State of Play memo. The EU prohibition on beef produced with hormones, chlorine-rinsed chicken or sale of cloned animals for meat (to name a few of many examples) are considered non-tariff barriers in TTIP. These measures enhance public health and animal welfare while strengthening local production in Europe from floods of cheap imports produced with lower standards. These are going to be the crux of heated negotiations during the so-called “endgame” of the talks.

Changes in public support and volatile and plummeting global prices for dairy products have left dairy farmers on both sides of the Atlantic reeling. Meanwhile, the EU and U.S. negotiators are busy horse trading the lives of small dairy and meat producers and processors over the amount of car parts and other goods each side is willing to liberalize.

 

2. Eerlijke belastingen

Werkenden, gezinnen en kleine zelfstandigen betalen belastingen zoals het hoort. Waarom de grootste bedrijven en de grote fortuinen niet? De duizend meest winstgevende bedrijven ontlopen voor 13 miljard belastingen. Dat is meer dan wat de federale regering wil besparen. Als het beleid de achterpoorten sluit en iedereen correct belast, zijn de besparingen op waardevolle gemeenschapsinitiatieven helemaal niet nodig. Dan hebben we zelfs extra geld voor echte noden, zoals meer energievriendelijke scholen, rusthuizen en sociale woningen bouwen. Met een flauw doorkijktaksje, zoals de regering wil, gaan we het immers niet redden. Samen met driekwart van de bevolking dringen we aan op rechtvaardige belastingen, ook op de grootste vermogens. Er is wel een alternatief!

 

 

3. Sterk jong en oud

Een samenleving met toekomst bouw je op van in de wieg. Bied alle kinderen gelijke kansen op degelijk onderwijs – ongeacht hun achtergrond. Voorzie voldoende en toegankelijke kinderopvang, vrije speelruimte, muziek-, dans- en tekenscholen. Laat jong engagement en experiment bloeien in het jeugdwerk. Werk de watervallen op de middelbare school weg, en bied studenten kwaliteit in plaats van hogere inschrijvingsgelden. Creëer waardevolle jobs voor jongeren, in België zit één op vijf zonder werk! Zelfs de ondernemers in Davos noemden jeugdwerkloosheid in 2013 ‘een sociale en economische tijdbom’. En dan gaan we enkel ‘winnaars een steuntje in de rug te geven’, zoals het Vlaams regeerakkoord voorhoudt? En iedereen verplicht langer doen werken, terwijl zoveel mensen een vaste baan zoeken? Als gemeenschap gunnen we iedereen dezelfde ontwikkelingskansen aan de start, én een evenwichtige oude dag. Er is wel een alternatief!

Hier kan een voorbeeld worden opgenomen van wat de liberalisering van onderwijs- of zorgdiensten zou kunnen betekenen

bvb. te baseren op corporateeurope.org/sites/default/files/attachments/grande-offensive-services-publics.pdf 

Alors que des engagements concrets sont toujours en négociation, des compagnies américaines du secteur de l’éducation, déjà présentes sur le marché européen, pourront potentiellement bénéficier des règles du TAFTA concernant l’accès au marché, le traitement national et la protection de l’investissement. Laureate Education, par exemple, entretient un large réseau d’institutions d’éducation supérieure et professionnelle à travers l’Europe ; à Chypre, en France, Allemagne, Italie, Portugal et Espagne.­ Le groupe Apollo, basé aux États-Unis, qui a racheté le fournisseur privé de services d’éducation britannique BPP Holdings, pourrait également profiter du TAFTA­, tout comme Kaplan Group, qui détient des établissements de formation professionnelle au Royaume Uni et en Irlande.

Permettre la croissance ex­ponentielle des acteurs privés américains dans le système eu­ropéen d’éducation serait parti­culièrement risqué. En effet, les compagnies privées d’éducation américaines sont connues pour combattre violemment toute ré-glementation qui entraverait leurs profits. En 2014 par exemple, un groupe de lobbying représentant 1400 universités privées a porté plainte contre le gouvernement américain pour des réglementations s’attaquant aux institutions demandant des frais d’inscriptions excessifs et faisant des profits à partir des prêts fédéraux pour les étudiants. Les universités pri­vées américaines ont été placées sous surveillance par le gouvernement pour pratiques mensongères, soit publicité mensongère et falsification des taux d’obtention d’emploi après l’université. Ces pratiques encouragent les étudiants à faible revenu à souscrire des emprunts et s’inscrire aux cours payants. Ces entreprises pourraient également utiliser les clauses de protection de CETA pour contrer les réglementations qui ne leur seront pas favorables en Europe. Les entreprises européennes pourraient aussi en tirer profit. Les réglementations prévues dans le domaine de la libéralisation du e-commerce et du commerce digital visant à « pérenniser » le TAFTA seraient favorables aux « business models » qui rendent l’éducation en ligne profitable. Par exemple, le conglomérat média allemand Bertelsmann, qui défend fièrement le TAFTA via sa fondation Bertelsmann, a récemment pris une participation à Udacity, un fournisseur d’éducation en ligne contro­versé (voir encadré 8).128

Voorbeeld:

Udacity : Comment le profit nuit à la qualité

En 2014, Bertelsmann a annoncé qu’il avait acquis une participation à Udacity, un fournisseur d’éducation en ligne basé aux États-Unis, spécialisé dans les cours de formation professionnelle. La compagnie américaine, fondée dans la Silicon Valley en 2011, est un exemple du sacrifice de la qualité aux fins d’accroître les bénéfices dans le secteur de l’éducation. En 2013, l’Université de l’État de San Jose, aux États-Unis, a suspendu sa collaboration avec Udacity à cause de « résultats décevants des élèves ». Selon des éléments présentés par l’université, les étudiants participant aux cours payants d’Udacity, destinés à remplacer les cours en classe, « ont eu des notes significativement plus faibles que leurs camarades en classe ».129

Le « business model » d’Udacity promeut la commercialisation du concept des cours ouverts en ligne, initialement destinés à offrir un accès gratuit et illimité aux cours pour tous et toutes. Mais pour Bertelsmann, investir dans l’éducation en ligne n’est qu’un business comme un autre. « L’investissement dans Udacity est une étape importante pour Bertelsmann », a affirmé Thomas Rabe, le PDG et directeur du groupe. « Nous continuerons d’investir dans le business de l’éducation, avec pour objectif de faire de l’éducation le troisième pilier de revenu de Bertelsmann, avec les media et les services ».

 

!!!UITWERKEN: Gezondheidszorg

 baseren op tinyurl.com/CIN-TTIP

Par l’inclusion du ‘système de règlement des différends entre investisseurs et États’ (anciennement ISDS, devenu maintenant ICS) comme élément central du TTIP, les USA et l’UE souhaitent rendre contraignants les droits octroyés aux investisseurs dans l’accord. Pareil mécanisme permet aux investisseurs de contourner les juridictions internes et de poursuivre les autorités directement devant des collèges d’arbitrage internationaux lorsque les entreprises en question estiment qu’une mesure politique donnée limite leurs profits espérés. Ceci peut avoir des conséquences désastreuses tant pour la santé publique que pour la pérennité financière des soins de santé et de l’assurance maladie. La politique de prévention et les décisions en matière de remboursement, de contrôle des prix ou d’octroi d’un brevet pour les médicaments pourraient notamment faire l’objet de poursuites internationales, mais la seule menace d’un procès éventuel poussera les autorités à réfléchir à deux fois avant d’adopter une mesure.

Le TTIP pourrait pousser les multinationales à attaquer la politique de prévention des autorités nationales pour la simple raison que celle-ci risquerait d’avoir un impact négatif sur leurs résultats financiers. Pareille évolution pourrait non seulement avoir des conséquences désastreuses sur la santé publique, mais également sur la pérennité financière des soins de santé.

 

Privatisering van ziekteverzekering:

L’intégration de l’assurance maladie dans le TTIP ouvre la porte à la privatisation du système et à un système de santé à deux vitesses.

Une ouverture de l’assurance maladie aux assureurs à but lucratif ainsi que l’introduction d’éléments compétitifs dans les systèmes de santé, la privatisation progressive du secteur public des soins de santé et l’évolution vers une intensification du partage des coûts et des soins de santé financés par le secteur privé pourraient conduire à la seule promotion des intérêts commerciaux plutôt qu’à l’amélioration de la situation sanitaire et des services de santé et à l’accès aux soins de santé de qualité. Les fournisseurs de services qui traversent les frontières ou utilisent les technologies de l’information pourraient échapper au contrôle des autorités nationales et aux normes de sécurité, de qualité et sociales qui ne pourraient pas leur être imposées.

Monopolies en octrooien:

Toujours dans le cadre des médicaments, l’industrie pharmaceutique plaide pour des droits de propriété intellectuelle plus stricts. Ceci conduit directement à un monopole renforcé des médicaments de marque et, ce faisant, à une augmentation des prix.

Les États-Unis militent en outre pour l’instauration de brevets sur les procédures médicales en Europe où ils sont actuellement interdits. Pareils brevets pourraient bien entraver considérablement le travail des médecins et limiter la disponibilité de nouveaux traitements pour les patients, et du même coup les avancées médicales.

Prijzen medicijnen:

Ces dernières années, d’importantes étapes ont été franchies pour garder le budget des médicaments sous contrôle. L’accord de libre-échange entre l’UE et les USA risque toutefois d’entraver ce processus par divers mécanismes. Il risque en outre d’avoir un impact indirect sur l’accès aux médicaments dans les pays à revenu bas ou intermédiaire.

Les États-Unis exercent une pression sur l’Union européenne afin d’intégrer dans l’accord certaines dispositions liées aux procédures de remboursement et de fixation des prix, alors qu’il s’agit d’une compétence nationale et d’un instrument important dans le cadre de la politique de santé nationale.

Parmi les propositions de l’industrie pharmaceutique31, figurent notamment : la proposition visant à prendre l’élément ‘innovation’ en ligne de compte lors de la fixation des prix et du remboursement, tout en définissant largement ce qu’est un produit novateur, avec une voix plus importante pour l’industrie pharmaceutique dans les procédures et l’instauration de voies de recours pour le demandeur. Un recours possible est le mécanisme de règlement des différends entre investisseurs et États (cf. infra) qui permettrait aux entreprises de poursuivre une autorité nationale devant un tribunal international si le pays décide de ne pas rembourser un médicament.

L’intégration d’une telle disposition affaiblirait une politique nationale visant à concilier un large accès aux médicaments et un contrôle des dépenses, de même que la protection de la santé publique (par ex. dans la décision de ne pas rembourser certains médicaments).

4. Stop armoede

België is een van de rijkste landen ter wereld. Toch leeft één op zeven Belgen in armoede, en in Brussel is dat één op drie. De kinderarmoede is zelfs verdubbeld. Intussen groeit de kloof: de 1 procent rijkste Belgen bezitten evenveel als 60 procent van de bevolking. Haal mensen uit de armoede met concrete en haalbare maatregelen, zoals gratis onderwijs tot achttien jaar en de versnelde bouw van duurzame sociale woningen. Voorzie ook meer steun voor wijkgezondheidscentra en scholen met veel maatschappelijk kwetsbare leerlingen. En vooral: trek alle inkomens en uitkeringen op tot boven de armoedegrens, zonder tegelijk andere tegemoetkomingen weg te bezuinigen. Dit algemene basisrecht op een mens­waardig leven zou de staat amper 1,5 miljard per jaar kosten. Terwijl ze nu jaarlijks 6 miljard ophoest voor de notionele interestaftrek, een belastingvoordeel voor vennootschappen. Dat is vier keer zoveel. Er is wel een alternatief!

Hier iets over sociale clausules in openbare aanbestedingen die zouden verboden worden?

 

5. Werkbaar werk

Bijna allemaal kennen we het gevoel dat we van hot naar her hollen. We snakken naar meer tijd voor onszelf, voor ons gezin, voor (mantel)zorg. Maar op het werk tikt de productieklok steeds sneller. Stress en burn-outs zijn dé ziekte van onze tijd. Dat is geen individueel gebrek, maar een systeemfout. Er is werk aan de prestatiemaatschappij zélf. Herverdelen van arbeid en inkomen blijft de uitdaging. Hoe iedereen meer ademruimte gunnen, zonder dat we op het einde van de maand stikken in rekeningen die we niet meer kunnen betalen? Met tijdskrediet of een kortere werkweek met loonbehoud kunnen we de werkdruk verminderen en meer mensen tewerkstellen. Dat biedt mannen meer zorgkansen en vrouwen meer perspectief in hun loopbaan. Het maakt tijd vrij om bewuste, actieve burgers te zijn. Zo wordt minder werken geen stille sociale afbraak, maar een broodnodige gezondheidskuur voor een samenleving die zichzelf al te zeer uitput. Er is wel een alternatief!

 

Weldra melk met bittere nasmaak?

De Amerikaanse landbouw is veel intensiever en concurrentiëler dan de Europese, vooral door de enorme schaal en het weinige respect voor het milieu. Met TTIP dreigt de import van landbouw- en zuivelproducten uit de VS toe te nemen. Dat zal nog meer druk te zetten op de Europese boeren die het al zo moeilijk hebben, met nog meer sluitingen van landbouwbedrijven tot gevolg. Krijgen wij als Europese consumenten dan meer melk van mindere kwaliteit te drinken?

 

 

6. Leefbare buurt

Steden groeien steeds verder aan. Nog nooit woonden zoveel mensen met een verschillende achtergrond zo dicht bijeen. Dat vraagt een sociale en ecologische vernieuwing. Alleen krijgen steden en gemeenten wel steeds meer bevoegdheden, maar steeds minder geld. Ook heel wat provinciale initiatieven vrezen voor hun toekomst, nu de provincies worden afge­slankt. Willen we de kracht van het lokale echt opwaarderen, dan verdienen steden en gemeenten juist meer financiële armslag, om fors te investeren in hun wijken en hun basisvoorzieningen. Of wonen we straks in een omgeving zonder bereikbaar zwembad, bibliotheek of publieke ouderenzorg? Vóór alles moeten de verschillende overheden werk maken van wat mensen verbindt: cultuurcentra, jeugdhuizen, groene ruimte, buurtwinkels, postkantoren, speelgelegenheid, jeugdwelzijnswerk en betaalbare en energiezuinige woningen. Onze buurt is waar onze kinderen opgroeien. Die geven we niet prijs. Er is wel een alternatief!

Openbare aanbestedingen:

CETA zorgt er ook voor dat Canadese bedrijven kunnen meedingen met publieke aanbestedingen in Europa. Momenteel kan dit enkel voor Europese bedrijven. Omgekeerd zijn de Canadese autoriteiten verplicht aanbestedingen te gunnen aan Europese bedrijven indien zij goedkoper zijn.

Dit wil dus zeggen dat publieke aanbestedingen nog meer ten prooi vallen aan de logica van de concurrentie en de vrije markt. Het ondersteunen van de lokale economie of sociaal-ecologische aanbesteding zal moeilijker worden en zelfs deels verboden worden.

 

http://www.iatp.org/blog/201606/local-governments-could-be-required-to-abandon-buy-local-requirements

One of the EU’s key offensive interests in the trade talks has been to open U.S. public procurement programs at all levels of government to bids by EU firms, removing policies that support local employment, local content or portions of contracts set aside for small businesses. While many states have agreed to those kinds of commitments in previous trade deals (although the number has dwindled in recent agreements), this could mean an unprecedented expansion to municipal and county governments and agencies. As indicated in the Tactical State of Play document, so far, the U.S. has been cool to proposals to commit local governments on procurement. Exactly which state or local governments or institutions would agree to those commitments would be indicated in an annex to the Procurement chapter text. That annex was not leaked, and probably doesn’t yet exist.

In addition to bracketed language in Article X.4.3 that would “immediately and unconditionally” cover both national and local government goods, services and suppliers, the EU is advancing a bold new “flow down” proposal, which would broadly cover local entities. In paragraph 4 of Article X.2 on Scope and Coverage, projects that are more than 50 percent funded or covered by national or local governments that have signed on to TTIP, but are not otherwise directly covered in the text, would be required to follow the rules those agencies have agreed to. This provision appears to be a catch-all that would sweep within its ambit not only state and local government projects but also nonprofit enterprises, utility districts, universities, hospitals and potentially state Medicaid contracts (“project” is not defined in the text, but services are covered).

The leaked TTIP text goes further than the TPP in restricting local development preferences, known as “offsets.”  It appears that EU and U.S. negotiators have agreed to a definition of “offset” in Article X.1(o) which is more expansive than that in the TPP. The TTIP text defines offsets as “any condition or undertaking that encourages local development or improves a Party’s balance-of-payments accounts, such as the use of domestic content, the licensing of technology, investment, countertrade and similar action or requirement.”  In contrast, the TPP definition limits the application of this prohibition to a “condition or undertaking that requires the use of domestic content” [emphasis added].

 

http://www.iatp.org/documents/five-key-takeaways-from-the-ttip-leak-for-food-and-farming-systems

Local governments could be required to abandon local-content requirements on many projects, even if they do not sign on to TTIP.

One of the EU’s key offensive interests in the trade talks has been to open U.S. public procurement programs at all levels of government to bids by EU firms, removing policies that support local employment, local content or portions of contracts set aside for small businesses. As indicated in the Tactical State of Play document, so far, the U.S. has been cool to proposals to commit local governments on procurement. Exactly which state or local governments or institutions would agree to those commitments would be indicated in an annex to the Procurement chapter text. That annex was not leaked, and probably doesn’t yet exist.

In addition to bracketed language in Article X.4.3 that would “immediately and unconditionally” cover both national and local government goods, services and suppliers, the EU is advancing a bold new “flow down” proposal, which would broadly cover local entities. In paragraph 4 of Article X.2 on Scope and Coverage, projects that are more than 50 percent funded or covered by national or local governments that have signed on to TTIP, but are not otherwise directly covered in the text, would be required to follow the rules those agencies have agreed to. This provision appears to be a catch-all that would sweep within its ambit not only state and local government projects but also nonprofit enterprises, utility districts, universities, hospitals and potentially state Medicaid contracts (“project” is not defined in the text, but services are covered). For example, since Medicaid provides medical transportation services to clients, these contracts would be covered by the procurement disciplines if funded more than 50 percent by a covered federal agency.

We do not know the U.S. position on this EU proposal. If the TPP is the model for the U.S. position in the TTIP negotiations, that agreement excludes state and local procurement from the disciplines of the procurement chapter (with the proviso that negotiations to include sub-central procurement must commence within three years) and did not include provisions that would indirectly bind federally-funded projects. TPP Annex 15-A in Section A, Note 1 exempts USDA funded “procurement of any agricultural good made in furtherance of an agriculture support program or a human feeding program,” which protects many Farm to School local procurement programs.

The leaked TTIP text goes further than the TPP in restricting local development preferences, known as “offsets.” It appears that EU and U.S. negotiators have agreed to a definition of “offset” in Article X.1(o) which is more expansive than that in the TPP. The TTIP text defines offsets as “any condition or undertaking that encourages local development or improves a Party’s balance-of-payments accounts, such as the use of domestic content, the licensing of technology, investment, countertrade and similar action or requirement.” In contrast, the TPP definition limits the application of this prohibition to a “condition or undertaking that requires the use of domestic content” [emphasis added].

EU negotiators have previously made known their interest in negating in TTIP longstanding U.S. procurement policy that provide for set-asides or preferences for small businesses,7 The U.S. maintained those preferences in the TPP with language that exempts “any set-aside on behalf of a small- or minority-owned business” including “any form of preference, such as the exclusive right to provide a good or service, or any price preference” from the procurement rules. The TTIP leak did not include any similar protections. However, annexes and schedules of commitments and exclusions, while referenced, were not leaked.

Beschermde oorsprongsbenamingen

Les indications géographiques reconnues par la Commission et protégées sur le territoire de l’UE sont au nombre de 1 451, dont 19 en Belgique (en ce compris le Pâté gaumais, la Vieille Gueuze, le Fromage de Herve et le Jambon d’Ardenne par exemple). Les lobbies alimentaires américains ont affirmé qu’il n’est pas question à leurs yeux qu’on les empêche de produire aux États-Unis et vendre des produits appelés « feta » ou « parmesan ».

177 membres du Congrès américain ont ainsi demandé au secrétaire américain au Commerce de « travailler agressivement contre les efforts européens en cette matière, de manière à préserver les opportunités domestiques et d’exportation pour ces produits ».

L’analyse de l’accord UE-Canada (CETA) ne manque pas d’inquiéter : l’UE a réussi à faire accepter au Canada le principe d’AOP, mais elle n’a obtenu de protection que pour 144 appellations, soit seulement 10% de la totalité des 1 451 AOP existantes. Aucune AOP n’a été protégée par la Belgique.

 

7. Diversiteit is realiteit

Diversiteit in al haar vormen kleurt onze samenleving. Die grote verscheidenheid, zeg maar superdiversiteit, is onze reali­teit. Eenieder heeft zijn eigenheid, maar in die verschillen zijn we allen gelijkwaardig. Waarom gaan beleidsmakers dan nog altijd uit van een Vlaanderen waar iedereen dezelfde taal spreekt? Waarin iedereen dezelfde cultuur en identiteit beleeft en moet aannemen? Waarom moeten sommige mensen een test Nederlands afleggen, nog voor ze zich maar kunnen inschrijven voor een sociale woning? Is huisvesting op slag geen basisrecht meer? Of kennen we dat recht alleen toe aan een select groepje burgers? En bedreigt de outfit van ambtenaren echt de kwaliteit van onze dienstverlening? Te veel beleidsmaatregelen creëren of stimuleren de ongelijke behandeling van mensen op basis van afkomst, religie, geslacht en/of seksuele geaardheid. En dat met ingrijpende gevolgen: armoede, werkloosheid, uitstroom uit het onderwijs. Samen moeten wij voor een samenleving gaan waarin iedereen zijn plaats heeft en krijgt vanuit gelijkwaardigheid. Van ‘wij’ tegen ‘zij’ naar ‘onze’ samenleving. Omdat de toekomst pas begint waar racisme, discriminatie en gevaarlijke tendensen als moslimhaat of antisemitisme stoppen. Er is wel een alternatief!

 

 

8. Eco is logisch

Het klimaat is op drift en geeft ons alarmsignalen: we overschrijden de draagkracht van de planeet. Dat bedreigt de levenskwaliteit van iedereen, vandaag al. De druk op grondstoffen en energievoorraden wordt zo hoog dat mens en natuur afstevenen op een burn-out. We kunnen niet alles overlaten aan de markt, die wikt en beschikt in functie van winst op de korte termijn. Basisbehoeften als water, energie en mobiliteit zijn al te belangrijk en te grootschalig om af te stoten naar private bedrijven. We moeten de economie terug in handen nemen en inzetten op kwaliteit en hernieuwbaarheid. Dat is de omschakeling, de ‘transitie’ die nodig is: in de industrie, de voedingssector, het onderzoek, de bouw... Waarom blijft het beleid jaarlijks 3,5 miljard fiscaal voordeel geven aan vervuilende bedrijfswagens – evenveel als alle investeringen in trein, tram en bus samen? Van onderuit groeien tal van initiatieven die tonen dat het anders kan. Heel wat steden maken hun vervoer, hun woon- en energiebeleid duurzamer. Tegelijk blijven structurele veranderingen nodig, op basis van een internationale planning met heldere doelstellingen en bindende afspraken. Omdat zuurstof fijner ademt dan fijn stof. Er is wel een alternatief!

 

Weldra melk met bittere nasmaak?

De Amerikaanse landbouw is veel intensiever en concurrentiëler dan de Europese, vooral door de enorme schaal en het weinige respect voor het milieu. Met TTIP dreigt de import van landbouw- en zuivelproducten uit de VS toe te nemen. Dat zal nog meer druk te zetten op de Europese boeren die het al zo moeilijk hebben, met nog meer sluitingen van landbouwbedrijven tot gevolg. Krijgen wij als Europese consumenten dan meer melk van mindere kwaliteit te drinken?

 

Cosmetica weldra giftiger?

Hou je van producten voor lichaamsverzorging en make-up? TTIP zou gevolgen kunnen hebben voor hun samenstelling! De Europese Unie verbiedt meer dan 1.300 gevaarlijke chemische producten, in de Verenigde Staten zijn dat er maar… 11. Wanneer de ‘harmonisering’ een feit zal zijn aan beide zijden van de Atlantische Oceaan, zou je ook bij ons wel eens lippenstift in de rekken kunnen aantreffen die vandaag als giftig wordt beschouwd…

 

Welke tomaten krijgen we morgen op ons bord?

Vandaag zijn binnen Europa 82 pesticiden verboden voor gebruik, die in de Verenigde Staten wel zijn toegestaan. Sommige van die pesticiden zijn kankerverwekkend en verstoren het hormoonstelsel. Als de Amerikaanse normen worden erkend door TTIP, zouden sommige van die pesticiden ook bij ons toegestaan worden, en dus onze gezondheid en ons milieu in gevaar kunnen brengen.

http://www.dewereldmorgen.be/blog/tterryn/2015/04/28/hoe-het-investeerder-staat-arbitragesysteem-ons-klimaat-mee-naar-de-haaien-helpt

Secret science would be used to streamline “modern agricultural technology” approvals.

Based on its proposals on food safety rules, known as Sanitary and Phytosanitary (SPS) measures, the U.S. Trade Representative (USTR) is seeking to export a flawed regulatory system to the EU based on risk assessments that rely on inadequate, secret data. Risk assessments for imports of products not already approved in the importing Party (United States or EU) would be based on “available data.” In the U.S. experience, this means that regulatory approvals would not be determined on the basis of a weight of evidence in publicly available and peer-reviewed science, but on the basis of what risk managers and assessors—often in response to Confidential Business Information (CBI) claims3—judge to be “reasonably available and relevant” scientific data. Article X.5 of the leaked text declares that, “each Party shall ensure that it takes into account relevant available scientific evidence, including quantitative or qualitative data and information.” This is a near repetition of the standard of evidence that the USTR successfully included in the TPP SPS chapter. (TPP, Article 7.9.5) Leaving aside the question of what are qualitative data, the key loophole in this provision lies in what scientific evidence is “available” for a risk assessment.

In the U.S. regulatory system, it is routine for commercial applicants to claim CBI status for evidence in an application to deregulate a product, and the CBI claim is seldom, if ever, denied. As a result, the data and information are what the commercial applicant wishes to submit, according to broad regulatory requirements, thus preventing a robust and independent risk assessment prior to commercial release. This approach would undermine the EU’s reliance on the Precautionary Principle, under which commercialization applications can be rejected when the science is not yet settled or when data is insufficient to enable a risk assessment.

For example, on April 13, 2016, the U.S. Department of Agriculture (USDA) informed the developer of a genetically engineered mushroom, developed with the CRISPR Cas-9 gene editing technology, that based on information provided by the company, it would not regulate the GE mushroom.4 The USDA, rather than performing a risk assessment to determine unintended effects resulting from the CRISPR Cas-9 techniques, simply trusts the information presented by the product developer as the basis for deregulating the gene-edited mushroom. This deregulatory rationale is similar to that of the proposals from the transatlantic biotech industry group New Breeding Techniques Platform (NBT Platform) to exempt new agricultural technologies from regulation under EU law.5 Under the USDA and NBT Platform logic, if the genetic modification of a plant or animal does not result from the insertion of foreign genetic material, it is unnecessary to regulate it.

In addition, the U.S. proposals would require EU authorities to explain not just their risk management decisions but also to discuss alternatives, presented in industry comments, to SPS regulations that are not part of each risk assessment. In essence, every step of regulation is subject to revision or reversal as a result of industry comments. At the same time as the U.S. demands complete risk assessment “transparency,” industry will be able to pick and choose which studies and data it presents for deregulation of its products. In sum, the “Science and Risk” approach, incorporated into the leaked provisions, increases the already steep burden of proof on governments to justify SPS rules while placing no burden on industry to demonstrate that its products, including novel foods and agricultural products, are safe.

The U.S. proposals include a new provision on “Regulatory Approvals for Products of Modern Agricultural Technology.” Article X.12 establishes an approval process for the sale or use of those products. Products of “modern agricultural technology,” including food and agri-nanotechnology, are not currently regulated and therefore are not approved by government agencies. Instead they are deregulated following voluntary and confidential consultations with industry lobbyists. For example, the Center for Food Safety and five other NGOs sued the Environmental Protection Agency for failure to regulate engineered nanoscale silver in pesticide products.6

 

 

9. Wees wereldwijs

België is geen eiland. Wat elders gebeurt, gaat ons mee aan. We geloven daarom in meer internationale solidariteit, meer investeringen in de welvaart en het welzijn van het zuiden. Niet door 6 miljard op te offeren aan de aankoop van nieuwe gevechtsvliegtuigen. Niet door de ontwikkelingssamenwerking af te bouwen, of mee te spelen in het agressieve handelsbeleid van de EU. En al zeker niet door vluchtelingen te laten verdrinken aan de Europese grenzen. Wij kiezen voor een gastvrij België. Voor een eigen vredespolitiek om gewapende conflicten en uitzichtloze interventies te voorkomen. Voor een ontwikkelingssamenwerking die geleidelijk evolueert naar een wereldwijde sociale zekerheid, nationaal georga­niseerd, maar met internationale ondersteuning. In plaats van het grote geld te zien wegvloeien naar belastingparadijzen, willen we een internationaal beleid dat die fortuinen echt doet bijdragen aan ontwikkeling en aan een leefbare samenle­ving. In een wereld die een dorp geworden is, vegen we niet enkel voor eigen deur. Er is wel een alternatief!

Rechten van de Palestijnen

TTIP kan het Europese landen onmogelijk maken om maatregelen te nemen tegen Israël als reactie op de schendingen van de rechten van Palestijnen: https://euobserver.com/foreign/128677

 

Rechten inheemse volkeren

CETA kan ervoor zorgen dat teerzandolie in de EU wordt ingevoerd, ook al worden voor de winning ervan de rechten van de Canadese inheemse bevolking geschonden: https://www.policyalternatives.ca/publications/reports/tar-sands-and-ceta

 

uit http://www.dewereldmorgen.be/blog/tterryn/2015/04/28/hoe-het-investeerder-staat-arbitragesysteem-ons-klimaat-mee-naar-de-haaien-helpt:

Met bijna 3000 bilaterale en multilaterale handels-en investeringsverdragen wordt de geglobaliseerde wereld sterker verbonden dan ooit tevoren. Een belangrijk principe, ingebed in deze akkoorden, is het recht dat bedrijven toelaat om juridische actie te ondernemen tegen regeringen wanneer diens overheidsbeleid de winstkansen van de bedrijven in het gedrang brengt. Zo gebeurt het dat onder huidige investeringsregimes overheidsbeslissingen zoals het intrekken van mijn-vergunningen en maatregelen ter bescherming van de volksgezondheid door bedrijven in twijfel worden getrokken, niet enkel op basis van wat ze al geïnvesteerd hebben in het land, maar bovendien gebaseerd op wat ze potentieel zouden kunnen verdienen in de toekomst, aan de hand van investeringen.

Een goed voorbeeld van dit systeem vinden we terug in El Salvador, waar lokale gemeenschappen, bezorgd omwille van de vervuiling van de lokale rivieren en waterlopen met chemicaliën zoals het arseen gebruikt door de Canadese mijnbedrijf Pacific Rim, actie hebben ondernomen. Lokale gemeenschappen, ondanks het gebruik van geweld en intimidatie van groepen gelinkt aan het mijnbedrijf, slaagden er in om de nationale regering onder druk te zetten om Pacific Rim te weerhouden om de mijn te gebruiken. Deze overwinning betekende een enorme stap vooruit in het ontwikkelen van een beleid voor duurzame waterhuishouding naar toekomstige generaties binnen El Salvador.

Pacific Rim bleef evenwel niet bij de pakken zitten, en argumenteerde dat het niet toekennen van een vergunning een duidelijke schending was van de “eerlijke en rechtvaardige behandeling” waar het bedrijf recht op had onder het Centraal Amerikaans Vrijhandels Akkoord (CAFTA). De rechtszaak is hangende, en dit jaar wordt er een uitspraak verwacht over de $315 miljoen die Pacific Rim eist voor gederfde winsten, wat ongeveer neerkomt op 2% van het BBP van El Salvador. Ondanks het feit dat er nog geen uitspraak is kost het de Salvadoraanse regering ondertussen al handenvol geld, ondertussen meer dan $13 miljoen om zich te verdedigen.  Dit geld kan in een land waar meer dan 40% van de bevolking onder de armoede grens leeft veel nuttiger besteed worden. Het is tevens duidelijk dat als het ICSID tribunaal in het voordeel beslist van Pacific Rim, dan worden publieke fondsen besteed aan het financieren van een rijk Canadees mijnbedrijf en enkele exclusieve corporate advocaten in plaats van aan onderwijs of gezondheidszorg 

Zoals aangegeven is de zaak in El Salvador maar een voorbeeld van de vele honderden die er bestaan op dit moment. Waar we in 1990 maar met 26 zaken te maken hebben, werden er eind 2013 al 568 geregistreerd. In 2012 en 2013 werden er telkens meer dan 55 zaken gelanceerd.

TTIP en CETA als precedent voor akkoorden met ontwikkelingslanden

Les deux plus grandes économies du monde négocient le TTIP avec l’objectif explicite de développer des réglementations pour le monde entier. Elles veulent ainsi imposer des normes dans plusieurs domaines qui ont déjà été refusés dans le passé par les pays en développement dans le cadre de l’ OMC (sur la libéralisation des marchés publics et des investissements notamment). La complexité du nouveau monde multipolaire appelle, au contraire, à réinventer le dialogue multilatéral et pas à alimenter une logique de blocs qui s’opposent.

Le TTIP réduirait la part de marché des pays tiers, y compris les pays en voie de développement. Certaines études prévoient des baisses des exportations jusque 34% pour la Thaïlande ou l’ Indonésie, d’autres prévoient des pertes de revenus de 7,4% pour la Guinée ou encore 4,1% pour le Botswana.

Le CETA serait le premier traité signé par l’UE contenant un chapitre sur les investissements avec clause d’arbitrage par des multinationales contre les décisions publiques. De nombreux autres traités intégrant une clause similaire sont en préparation : notamment avec le Vietnam, la Chine, la Birmanie, l’Inde, le Maroc et la Tunisie. A cela s’ajoutent 105 accords signés par la Belgique avec des pays tiers et une trentaine en attente de signature.

C’est pour cette raison que l’Europe ne peut se permettre de précipiter sa décision sur le CETA. L’approche qui sera approuvée dans le CETA servira de modèle à tous ces autres traités. Les pays en développement sont donc directement concernés.

 

http://www.iatp.org/documents/five-key-takeaways-from-the-ttip-leak-for-food-and-farming-systems

Coordination on agriculture policy could undermine developing country positions in global trade talks.

The EU has proposed an Agriculture chapter in TTIP, something not included in previous bilateral or plurilateral agreements the U.S. has negotiated. It proposes disciplines on agricultural-export credits along the lines agreed to at the Nairobi WTO meeting in December 2015, as well as other changes to subsidies and food aid programs. While progress on those issues could be helpful, TTIP could also be used to ensure that the U.S. and EU present a united front on other issues that have been controversial in global trade talks and overwhelm developing country concerns.

The EU State of Play memo from March notes that, “As regards export competition, the U.S. is opposed to the inclusion of any discipline in TTIP that would go beyond the Nairobi outcome. It pointed to a non-binding language in TPP that resisted calls from [other TPP] members to undertake specific commitments. The U.S. proposed adding to the TTIP the language on export restrictions agreed in TPP and committed to propose an alternative language on cooperation in agriculture.”

The TPP went beyond establishing disciplines on export restrictions to also limit developing countries’ ability to shield sensitive agricultural markets from imports. Article 2.26 of TPP on Agricultural Safeguards eliminates the Parties’ rights under the WTO to apply special tariffs in the event of import surges. This issue, as well as establishing developing countries’ rights to exempt key agricultural goods from trade liberalization in order to ensure food security and rural development, has been a key point of contention in the WTO talks. The inclusion of these issues in TTIP would likely mean that two of the world’s largest economies would work together in future multilateral trade talks in ways that override the interests of smaller economies.

 

Vrij verkeer voor personen: ongelijke behandeling

It is interesting to note that the standstill and ratchet clauses regarding the free movement of people is restricted to the category of "key personnel" (such as senior managers and CEOs) and highly qualified temporary workers. On the other hand, the contracting parties may rescind the freedom of movement of less qualified people – thereby favouring or enabling "multi-speed migration."

 

 

10. Doe de democratie

‘Besparen moet van Europa’, heet het, maar onze regeringen bepalen wel het financiële en economische beleid van de Europese Unie. Zo verliezen we het democratische recht om zelf te beslissen hoe we inkomsten verwerven en wat er met de uitgaven gebeurt. Intussen krijgen de lobby’s vrij spel, ook bij de geheime onderhandelingen over handelsakkoorden van de EU met de VS en Canada. De bevolking is er niet bij betrokken. De democratie wordt uitgehold, burgers worden herleid tot consumenten. Maar democratie is een werkwoord, dat verder gaat dan een bolletje kleuren. Ook na de verkie­zingen moet besturen gebeuren in overleg met de bevolking. Want je kan als regering niet eisen dat burgers meer eigen initiatief nemen, en tegelijk elke inspraak van onderuit het zwijgen opleggen. De kwaliteit van een democratie valt af te meten aan de kracht van een kritisch en levendig middenveld, met een bonte schakering van sociale en andere organi­saties. Wie dat aan de kant schuift, is geen democraat. Hart boven Hard geeft de actieve democratie mee vorm door de krachten te bundelen. De toekomst zal sociaal, ecologisch, solidair en superdivers zijn, of zal niet zijn. Daar is geen alter­natief voor. Dat is het alternatief!

Transparantie onderhandelingen

uit www.greenpeace.org/belgium/nl/G-Mag/Gmag-19/Wie-wil-er-nog-van-TTIP-weten/ :

Een groot probleem bij TTIP is ook het gebrek aan transparantie bij de onderhandelingen. Wist je dat het middenveld wordt opzijgeschoven bij het opstellen van het verdrag, terwijl de industrie uitgebreid aan bod komt en betrokken wordt? Hoe is dat toch mogelijk?

Mensen van Greenpeace Nederland konden de hand leggen op vertrouwelijke documenten over TTIP en hingen ze aan de grote klok. Want in een democratische samenleving hebben we alle recht op deze informatie.

Rol bedrijfsleven in regelgeving

uit http://www.dewereldmorgen.be/artikel/2016/05/17/gelekte-ttip-documenten-bevestigen-dit-bedreigt-democratie:

Om het even welk regelgevingvoorstel moet dan voortaan voorafgaand geëvalueerd worden op zijn gevolgen voor handel en investeringen, het moet beantwoorden aan het principe van de minste hinder ['least burdensome'] (met als referentie: geen enkele regulering) en moet onderworpen worden aan een kosten-batenanalyse.

Regeringen moeten op voorhand elk voornemen voor regulering melden, en ze moeten alle natuurlijke personen en rechtspersonen (wat neerkomt op: bedrijven) de toegang garanderen tot redactie en herziening van teksten. Bedrijven kunnen als rechtspersonen aan weerszijden van de Atlantische Oceaan 'pleiten' voor het amenderen of verwerpen van om het even welke regulering waartegen ze bezwaar maken.

Over bestaande regeling voor beslechten geschillen tussen investeerders en staten: https://nl.wikipedia.org/wiki/Investeerder-staatarbitrage

https://nl.wikipedia.org/wiki/Internationaal_Centrum_voor_Beslechting_van_Investeringsgeschillen

Drie voorwaarden moeten vervuld zijn opdat het ICSID zich over een geschil zou mogen buigen:

  • de partijen zijn enerzijds een verdragsstaat en anderzijds een onderdaan van een verdragsstaat;
  • het geschil vloeit rechtstreeks voort uit een investering;
  • de partijen hebben er schriftelijk in toegestemd het geschil aan het ICSID voor te leggen.

In de opvatting van het ICSID is deze laatste voorwaarde zodanig ruim dat de schriftelijke toestemming ook kan worden gegeven vóór het geschil ontstaan is en op algemene wijze, bijvoorbeeld in een investeringsverdrag tussen landen. In sommige verdragen is dit zo verwoord dat de investeerder eerst de lokale rechtsmiddelen moet hebben uitgeput.

Buiten de verdragsbevoegdheid om organiseert het ICSID ook een zogenaamde "Bijkomende Faciliteit" (Additional Facility). Op basis daarvan kan het zaken behandelen met betrekking tot landen die geen lid zijn. Deze worden behandeld volgens een bijzondere procedure die door het Secretariaat is gepubliceerd.[6] Uitspraken onder de Bijkomende Faciliteit genieten geen bijzondere status inzake erkenning en tenuitvoerlegging.

 

Liberalisering openbare diensten wordt onomkeerbaar

Publieke diensten worden blijvend vastgelegd “op het hoogste niveau van privatisering”. Dit betekent dat als een publieke dienst is geprivatiseerd, het ontzettend moeilijk wordt om dit om te keren. Zelfs wanneer de meerderheid van de bevolking dit zou willen.

Standstill and ratchet clauses mean that a contracting party may never go back on any liberalization or deregulation that was effective at the time of signing the agreement. Nor can any liberalization be done retrospectively, unless explicitly provided for during the negotiations. Any evolution in legal provisions can only be in one direction: that of liberalization – like a rack and pinion railway that can only go forward, never backward. Whether it is funding highways by means of tolls in Germany and France, municipal energy supplies or local transport companies – in these and many other sectors, all that remains is the one-way street of deregulation.

The standstill and ratchet clause apply specifically to market access: all sectors and subsectors will be liberalized, except for those that are expressly ruled out.

It is interesting to note that the standstill and ratchet clauses regarding the free movement of people is restricted to the category of "key personnel" (such as senior managers and CEOs) and highly qualified temporary workers. On the other hand, the contracting parties may rescind the freedom of movement of less qualified people – thereby favouring or enabling "multi-speed migration."
It will only be possible to gauge the full extent of changes expected from CETA when it becomes clear how much will be automatically regulated, unless excluded by means of reservations. The cross-border sale of medicaments, for example, will be regulated under relevant CETA chapters, even if it is currently subject to restrictions. It is worth recalling that under the GATS, the EU did not accept such a commitment because the trade in medicaments was regulated by means of a positive list.

Lastly, it is also interesting that the standstill and ratchet clauses exist only in the trade agreements. This contrasts with agreements on the environment, labour and human rights, or on data or consumer protection, where contracting parties may at any time roll back advances in national legislation. They can, for example, eliminate capital punishment or reintroduce it without incurring any risk of sanctions or lawsuits by individual persons or organizations.

 

Geschiedenis van aanpassingen tonen

enkele aanvullingen: 
 

1. Samen rijk

Banen

Economische welvaart

TTIP benadeelt KMO's

Hoe ondernemingen arbitragepanels gebruiken

Liberalisering openbare diensten wordt onomkeerbaar

 

2. Eerlijke belastingen

 

3. Sterk jong en oud

!!!UITWERKEN: Gezondheidszorg

 

4. Stop armoede

  • het terugdringen van armoede is vooral een opdracht voor het overheidsbeleid, en precies dat staat onder druk bij TTIP:
    Lees het rapport: Publieke Diensten onder Vuur (NL-samenvatting, pdfcorporateeurope.org)

 

5. Werkbaar werk

  • een typisch voorbeeld van TTIP:
    Zo wil het Amerikaanse bedrijf Home Instead, een grote leverancier van thuiszorg voor senioren die franchises heeft in verschillende lidstaten van de EU, waaronder Nederland, dat TTIP iets doet aan de ‘starre arbeidswetgeving’ die de onderneming verplicht om haar parttime werknemers ‘uitgebreide voordelen, zoals betaalde vakanties’ aan te bieden, die volgens het bedrijf ‘de kosten van de thuiszorg onnodig opjagen’.
    Bron: het rapport: Publieke Diensten onder Vuur (NL-samenvatting, pdfcorporateeurope.org) (NL-samenvatting, p. 4)

 

6. Leefbare buurt

Beschermde oorsprongsbenamingen

 

7. Diversiteit is realiteit


 

8. Eco is logisch

 

9. Wees wereldwijs

  • andere aspecten zijn bv.
    TTIP als economische NATO
    TPP als dam tegen China
    De trits TTIP, TPP, TISA & kwartet met NAFTA
    De uitsluiting van de BRICS-landen
    zie details http://ttip.eu.pn/ttip-in-de-wereld/

 

10. Doe de democratie

Transparantie onderhandelingen



 

1 jaar geleden
Met Agorakit